Nu, 1945 Een jaar lang dagelijks nieuws uit het bevrijdingsjaar in Groningen en Drenthe, met de middelen van nu
Roelof Boer en Ben Boers op de plek waar vroeger de boerderij van de familie Boer stond.
1945

Chaos en paniek: brand in het hart van Elp

Roelof Boer en Ben Boers op de plek waar vroeger de boerderij van de familie Boer stond. - Foto: Marcel Jurian de Jong

Het is zaterdagmiddag, 31 maart 1945. In Elp maken de 10-jarige Roelof Boer en zijn drie jaar oudere broer Rense zich klaar voor de wekelijkse wasbeurt in de tobbe. Dan barst buiten een kabaal los: vliegtuigen, die laag over het dorp scheren.

‘Net of de hele boerderij instortte’

,,Snel, naar de kelder!”, roept moeder Albertje Boer-Brands naar haar zoons. In hun blootje rennen de kinderen naar de kelder onder de opkamer in hun boerderij in Elp. Ze zitten er nog maar net als het huis begint te schudden en het stof in de kelder neerdaalt.

,,Het was óveral stof. Net of de hele boerderij instortte”, vertelt de nu 85-jarige Roelof Boer. ,,Ik hoor mijn moeder nog zeggen ‘Och, wat is ’t wat. En nou is vader er ook nog niet!’” Jan Boer is op dat moment bij de vlasfabriek in Orvelte om turf te kopen voor zijn ouders.

Een harde knal

Roelof en Rense kleden zich snel aan. ,,Ik weet nog als de dag van gisteren hoe ik met mijn moeder de zijdeur van de boerderij uitliep”, vertelt Boer. Zijn moeder legt haar hand op zijn schouder. ,,Kom jong, we gaan eruit”, zegt ze, zo kalm mogelijk.

Even verderop speelt de 11-jarige Haagse evacué Ben Boers op de heide met een stel vriendjes. Bijna twee maanden woont hij nu tijdelijk in het kleine Drentse dorp waar, in tegenstelling tot in zijn eigen woonplaats, nog voldoende te eten is. ,,We zagen een vliegtuig laag over het dorp vliegen. Daarna een harde knal en een grote rookpluim. We riepen: ‘Er is brand!’ en sprintten terug naar het dorp”, vertelt Boers (86).

‘Het was afgrijselijk’

,,Ik ben eerst naar het huis van mijn pleegouders gerend. Daar was niks aan de hand. Toen zagen we de rook aan de andere kant van het dorp. Dus ik weer sprinten. Ik wist natuurlijk niet wat ik zag. De eerste en tweede boerderij stonden al in lichterlaaie. En een chaos, paniek: het was afgrijselijk.”

Kort voor de brand sjeesde een Duitse auto over de Westerborkerweg, toen de doorgaande weg van Schoonloo naar Westerbork. Geallieerde vliegtuigen zagen de Duitse auto rijden en wierpen granaten en fosforbommen af. Maar in plaats van de auto, die ongedeerd doorrijdt, raakten de granaten en fosforbommen de dichtstbijzijnde boerderij, waar de familie Oeben woonde.  ,,Het was gebruikelijk dat je op zaterdag ging anhemmeln ”, zegt Boer. Dat deed knecht Jan Hartman. Een fosforbom raakte hem toen hij voor de boerderij stond te vegen. Hartman was op slag dood.

De oude Saksische boerderij van de familie Boer ging volledig in vlammen op.
De oude Saksische boerderij van de familie Boer ging volledig in vlammen op.

 ‘Je wist: die boerderijen gaan er ook aan’

Die zaterdagmiddag waait een stevige zuidwestenwind. De oude Saksische boerderijtjes die het dorpsgezicht van Elp bepalen staan vaak op maar tientallen meters afstand van elkaar.  ,,Op de wind zag je vonken schieten van dat ene prachtige rieten dak naar het andere. De paniek was groot. Je wist: die boerderijen gaan er ook aan, tenzij je ze nat kan houden. Daar waren ze wel mee begonnen, maar dat lukte aanvankelijk heel slecht”, vertelt ooggetuige Boers. Bijna gelijktijdig gingen de boerderijen van de families Hartman en Reinds in vlammen op. De gezinnen blijven ongedeerd. Aan wat nu de Boerstraat heet staan moeder Albertje en zoons Rense en Roelof inmiddels buiten. ,,Toen kwam de buurman, Hendrik Lomulder, eraan”, vertelt Boer. ,,‘Ik zal je gauw helpen, de koeien moeten los’, zei hij tegen mijn moeder. Bij de eerste twee boerderijen waren alle dieren levend verbrand.”

Complete paniek

Het hele dorp is inmiddels uitgelopen naar de plek des onheils. ,,Er was complete paniek”, vertelt Boer. ,,De ramen zijn ingegooid, meubels en al werden naar buiten gegooid. Dat hadden ze beter niet kunnen doen: de meubels kwamen er kapot uit. Maarja, het ging allemaal met de beste bedoelingen.”

De brandweer komt pas als de boerderij van de familie Boer al in brand staat. ,,Ja, toen kwam dat wagentje pas”, denkt Boer terug. ,,Dat brandweerwagentje maakte verschrikkelijk veel lawaai. Daar gaan we weer, dachten we. Het leek op vliegtuiggeluid.” Inmiddels is ook zijn vader Jan, na een angstige rit, terug in Elp.

Standje

Door inspanningen van de brandweer en dorpelingen wordt voorkomen dat de brand overslaat naar de boerderij naast die van de familie Boer. Maar als de middag om is zijn zeven boerderijen tot de grond toe afgebrand. ,,Die van Meijers, Lomulder, Dolfing, Boer, Abbing, Reinds en Oeben”, somt Boers op.

Als de evacué in de namiddag thuiskomt bij zijn pleegouders wacht hem een standje van pleegmoeder Roefie Smit. ,,Omdat ik de hele tijd weggebleven was, terwijl zij ook nog even de angst hadden dat hun boerderij ook in gevaar zou komen. Ik was zoek.”

Op het toneel

Voor de getroffen gezinnen moet een slaapplek voor de nacht worden gevonden. ,,Wij konden terecht bij de broer van mijn vader, oom Roef”, vertelt Boer. Roef Boer was aannemer en baatte samen met zijn vrouw Zwaantje Wendeling het dorpscafé (tegenwoordig de Koekoekshof) uit. Oom Roef heeft wel plek voor het gezin van zijn broer.. Op het dorpstoneel.

Ongeveer zeven maanden bivakkeert het gezin in het café, waar ze in de toneelruimte ook de beschikking hebben over een eigen keukentje. ,,Ik vergeet het van mijn leven niet meer”, zegt Boer. ,,Het was een rottijd. Maar je was allang blij dat je een plek had, er waren ook mensen die in een stookhok terechtkwamen.”

Spaarpotten

Een paar meubelstukken overleven de brand, maar het gezin Boer moet helemaal opnieuw beginnen. ,,In die tijd hadden mijn broer en ik veel knienen ”, vertelt Boer. ,,We hadden een eigen spaarpot. Als we een konijn verkochten ging daar het geld in. Het kastje waar de spaarpotten in stonden is heelhuids uit de brand gekomen, maar onze beide spaarpotten niet.” Hij spreidt zijn armen, haalt zijn schouders op. ,,Weg.” Hij glimlacht. ,,Dat zijn dingen die je bijblijven, als klein jongetje.”

Na de bevrijding wordt een begin gemaakt met de herbouw van een kleine stenen noodwoning op de plek van de afgebrande boerderij. Bij de bouw helpen NSB’ers, die dan gevangen zitten in voormalig doorgangskamp Westerbork. ,,Zij moesten steen bikken”, weet Boer nog.

Gat in het hart

Pas negen jaar later, in 1954, verhuist het gezin naar een gloednieuwe boerderij. Dat het zo lang duurt komt door het grote gebrek aan materiaal na de oorlog. ,,Niemand kon wat. Daarin waren we allemaal gelijk.”

In Elp staan nog steeds van die mooie oude Saksische boerderijtjes. ,,Maar in het dorp is een enorm gat geslagen. Een geweldig stuk historie is verdwenen”, zegt Boers. ,,Ze zeggen wel eens: als die branden (in 1943 verwoestte een brand vijf boerderijen, red.) er niet waren geweest, was Elp het Orvelte van Drenthe geweest.”

Roelof Boer en Boers waren getuige van de brand op 31 maart 1945.
Roelof Boer en Boers waren getuige van de brand op 31 maart 1945.

Ben Boers en Roelof Boer

Hagenees Ben Boers keerde in juni 1945 met zijn tweelingzusje terug naar Den Haag. Het verhaal van zijn terugreis leest u later op deze site. In de oorlog heeft hij zijn hart aan Elp verpand, inmiddels woont hij er alweer zo’n 40 jaar.

Geboren en getogen Elper Roelof Boer neemt het in 1954 nieuw gebouwde boerenbedrijf van zijn vader aan de Schoonloërweg over. Dat bedrijf is in de loop der jaren fors uitgebreid en wordt tegenwoordig bestierd door zijn zoon en kleinzoon. Na zijn pensionering heeft hij in Elp een nieuw huis laten bouwen.

Boer en Boers zijn goede vrienden.

Deel dit artikel
Reageren? Correcties? Tips? Mail naar verhalen@ndcmediagroep.nl

Nu, 1945 is een project van Dagblad van het Noorden, in samenwerking met de Groninger Archieven, het Drents Archief en Herinneringscentrum Kamp Westerbork. In 2020 brengen we elke dag verhalen over diezelfde dag in 1945. Dat doen we op basis van interviews, ooggetuigenverslagen en papieren bronnen, zoals (verzets)kranten uit de oorlog. We brengen het nieuws van toen alsof het nu gebeurt, maar houden rekening met wat mensen toen wisten. Met Nu, 1945 willen we laten zien hoe het dagelijks leven er onze regio uitzag in het laatste oorlogsjaar.

Aan dit project werken mee:

  • Archiefonderzoek, verslaggeving en interviews: Jan-Willem Horstman, Stef Bekhuis, Bernd Otter, Annique Oosting en Leonie Sinnema
  • Video’s en beeld: Jeroen Kelderman
  • Projectcoördinatie: Annique Oosting
  • Design website: Pim Klomp
  • Bouw website: Afdeling Digital Development NDC Mediagroep en Alwin Wubs
  • Ontwerp beeldmerk: Harry Kasemir

Dit project is mede mogelijk dankzij subsidies van de provincies Groningen en Drenthe en steun van het Fonds Bijzondere Journalistieke Projecten.